Kalk begint in een systeem al neer te slaan vanaf 25°C. Hoe hoger de temperatuur, des te sneller slaat het neer. Kalkafzettingen komt men dus vaak op warmere onderdelen van de installatie tegen, zoals op warmtewisselaars, verwarmingselementen, etc. Ook bij een verhoogde pH waarde (oftewel zuurtegraad) van het water zal kalk neerslaan.

De gevolgen van kalk:

  • Capaciteitsproblemen (3mm kalkafzetting = 20% rendementsverlies!)
  • Dichtslibben van leidingen
  • Pompstoringen
  • Vergroot risico op bacteriegroei
  • Verzuring van het water (vergrote corrosie potentieel)

Kalk kan in oplossing gebracht (en gehouden) worden door de juiste additieven toe te voegen. Daarnaast kan ook in het voortraject het suppletiewater ontdaan worden van alle kalk (of overige zouten) middels een ontharder, omgekeerde osmose unit of demiwaterpatroon.